Terug naar het begin

Nieuw stukje verhaal

God, wat lijk je op haar. Je hebt geen blond haar, geen blauwe ogen, je bent een kop kleiner en de vrouwelijke rondingen, die zij had, heb je ook niet. Maar toch… Toen ik je zag was het net of ik weer in haar ogen keek. Alsof ze weer voor me stond. Ik weet niet eens hoe het kan en waarom het zo is, maar god, wat lijk je op haar.

Het is waar. De gelijkenis is duizelingwekkend.

En ik geloof dat ik helemaal niet zo gelukkig ben
als jij denkt.
De stad ruikt naar liefde
en de mensen zijn zo mooi.
Ik zal niet snel zeggen voor altijd,
maar ik weet zeker dat dit nog heel lang gaat duren.
Herinneringen worden verdeelt in kleine stukjes,
fragmenten.
Het enige wat ik van jou over heb.
Ik heb het leven lief,
omdat zij mij bemint.
Ik wil samen met jou
en nooit meer zonder zijn.














Een zachte bries was genoeg
om ons uiteen te doen spatten.
Snakkend naar liefde
klamp ik me aan je vast.
Maar wat is de zin van liefhebben?
Je kent me niet eens.
Het voelt net alsof ik je weggeef
aan verleidingen
die daar voor het oprapen liggen.
Maar ik wil je juist niet kwijt...
Heus, ik vind je interessant
en luister graag naar al jouw belevenissen.
Maar zo af en toe,
wil ik ook wel eens gehoord worden.
Ik heb spijt van de dingen die ik gedaan heb,
waardoor ik nu niet meer met jou kan zijn.